“Voor het slagen van een bezoek aan Fort De Bilt is allereerst een veilige atmosfeer in de klas nodig”

Een gesprek met Marcel Hermens van de Berg en Boschschool uit Bilthoven

 

De Berg en Boschschool voor Speciaal- en Voortgezet Speciaal Onderwijs  ligt op het terrein van het voormalige ziekenhuis Berg en Bosch in een bosrijke omgeving. Het is een school voor langdurig zieke kinderen met een psychiatrische diagnose, zoals adhd en autisme-spectrum stoornissen. Tijdens ons bezoek was iedereen in de school druk bezig met de voorbereidingen van het sinterklaasfeest, ook in de klas van leraar Marcel Hermens, waar de leerlingen lootjes hadden getrokken. De leerlingen in deze groep zijn in de leeftijd van 11 tot 14 jaar. Bij deze leerlingen is het vermogen tot inleven in de ander soms beperkt of niet ontwikkeld. Het denken kan rigide zijn.

Dit heeft gevolgen voor sociale interactie. De leerlingen zijn wel in staat tot leren, uiteraard ieder op zijn of haar eigen niveau. Er zijn leerlingen met uiteenlopende intelligenties, van laag tot hoog, sommigen met een buitengewoon hoog IQ. Voor al deze kinderen is het van belang dat een vaste structuur en regels bijdragen aan een gevoel van veiligheid wat een belangrijke voorwaarde is om tot leren te komen.

 

Emoties oproepen

Hermens is in de periode voorafgaand aan het bezoek aan Fort de Bilt vooral bezig om de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog voor de leerlingen enigszins tastbaar te maken. Daarvoor maakt hij gebruik van allerlei boeken, maar ook films. In deze groep heeft hij “La vita e bella” vertoond. “De keuze van de film heeft vooral te maken met de de mogelijkheden van de leerlingen in de groep”, stelt Hermens. “Ik zoek voor iedere groep een film die past. Wanneer de film bijvoorbeeld emotioneel gezien te veel indruk op de leerlingen zou maken, dan komen ze onvoldoende tot leren”. Het dagboek van Anne Frank wordt uitgebreid behandeld.

 

Feit en mening

Een heel belangrijk onderdeel in de tentoonstelling zijn de werkvormen die het verschil tussen een feit en een mening behandelen. Bij heel veel lessen in sociaal gedrag in de klas is dit ook belangrijk. Marcel Hermens: “Dat komt omdat veel van deze leerlingen alles om zich heen als een feit zien, dit om hun eigen angsten te onderdrukken. Feiten geven zekerheid, zijn niet flexibel, de werkelijkheid is duidelijk. Het schema van feit en mening geeft hen steun in het ordenen. Ook lang na het bezoek aan Fort De Bilt zijn ze nog bezig met dit onderdeel. Het geeft de leerlingen greep op de werkelijkheid om hen heen”.

 

Sprong in de tijd

In de interactieve tentoonstelling wordt op een gegeven moment de koppeling gemaakt naar de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. Enkele verzetsmensen die op het fort zijn doodgeschoten worden voorgesteld. Dat is voor een aantal leerlingen niet eenvoudig te verwerken, omdat ze zich moeilijk kunnen inleven. “Ze zijn zo intensief bezig geweest met hun eigen emoties en feiten in de tentoonstelling, dat het moeite kost om de sprong naar een andere tijd te maken”, stelt Hermens. Maar dat wil niet zeggen dat ze het niet kunnen proberen. “Leerlingen die dit spannend vinden, doen het niet of in kleine stapjes. Leerlingen die het wel kunnen, leggen de verbanden tussen het heden en het verleden”.

 

Weten wat er komt

Volgens Hermens is het zinvol om leerlingen met autistische kenmerken, die om structuur, veiligheid en ordening vragen, vooraf een plattegrond in handen te geven. Op die manier kunnen zij naar de inhoudelijk e voorbereiding, zich ook een concrete voorstelling maken van de ruimten en de infrastructuur van het Herinneringscentrum. “Ze weten dan in grote lijnen wat hen te wachten staat. Dat betekent voor hen niet de verrassing wegnemen maar juist veiligheid. Van verrassingen en onbekende zaken raken deze kinderen onzeker en gespannen. Het zou helemaal geen punt zijn wanneer leerlingen voor een tweede maal het Fort zouden bezoeken. Het is mijn verwachting dat de leerervaring rijker wordt en het plezier om te leren groter”.

 

De tijd nemen

Nadat de leerlingen het monument, de dodenbunker, de naamstenen en enkele andere plekken op het fortterrein hebben bezocht, krijgen ze nog even gelegenheid om iets voor zichzelf te doen. Sommigen lopen nog een keer naar een plek om iets te bekijken. Anderen gaan even spelen of rennen. Ze hebben hier voor meer tijd nodig dan de doorsnee basisschoolleerlingen. Een bezoek aan het Herinneringscentrum wordt door veel kinderen intensief beleefd en kan beslist een plek krijgen in hun leven.